Bel Saskia 06 - 22 53 05 48
gewoon bij saskia logo

Begrippenlijst

De financiële wereld staat bekend om haar vage termen en moeilijke woorden. Deze handige begrippenlijst helpt jou op weg en zorgt ervoor dat je teksten over hypotheken en verzekeringen beter begrijpt.

  • Aansprakelijkheidsverzekering

    Heb jij schade veroorzaakt? Dan beschermt een aansprakelijkheidsverzekering jou tegen de financiële gevolgen. De verzekering vergoedt letselschade (bijvoorbeeld als iemand gewond is geraakt) en zaakschade (als iets kapot of beschadigd is). In de voorwaarden van de aansprakelijkheidsverzekering staat wat wel en niet onder de dekking van de verzekering valt.

  • Aflossing

    De aflossing is de terugbetaling van de hypotheek. Je betaalt naast aflossing ook rente.

  • Aflossingsvrije hypotheek

    Een aflossingsvrije hypotheek is een hypotheek waarbij je de lening pas aan het einde van de looptijd afbetaalt. Tijdens de looptijd betaal je alleen rente en geen aflossing.

  • Akte van levering

    In de akte van levering staat wie eigenaar wordt van een onroerende zaak. Dit document maakt de notaris op en laat hij of zij inschrijven bij het Kadaster.

  • Arbeidsmarktscan

    Als je minder dan 3 jaar in loondienst werkt en nog geen vast contract hebt dan kan een Arbeidsmarktscan inzicht geven in jouw toekomstperspectief. Je ziet hoe groot de kans is dat je aan het werk blijft en wat de verdiencapaciteit is.

  • Arbeidsongeschikt

    Je bent arbeidsongeschikt als je door een ziekte, ongeval of gebrek niet meer (volledig) in je eigen inkomen kan voorzien. Als je in loondienst bent dan ben je hiervoor verzekerd en houd je een deel van je inkomen. Deze verzekering geldt niet voor zelfstandig ondernemers.

  • Bankhypotheek

    Bij een bankhypotheek heeft de geldverstrekker het recht om al jouw schulden die je bij de geldverstrekker hebt te verrekenen met de opbrengst van jouw huis. In de hypotheekakte staat het maximale bedrag waarvoor deze bankhypotheek geldt. Als je in de toekomst nog wil verbouwen kan het slim zijn om een hoger bedrag te registreren dan je huidige hypotheek. Wanneer je dan leent voor de verbouwing hoef je niet opnieuw naar de notaris.

  • Bankspaarhypotheek

    Een bankspaarhypotheek is een hypotheek waarbij je maandelijks spaart voor de aflossing van je hypotheek. Dit geld komt op een aparte, geblokkeerde, bankspaarrekening te staan.

  • Belastbaar inkomen

    Dit is het inkomen waarover jij inkomstenbelasting betaalt. Dat is een optelsom van je inkomsten min heffingskortingen zoals de hypotheekrenteaftrek. Je belastbaar inkomen is dus lager dan jouw bruto-inkomen.

  • Beleggingshypotheek

    Een hypotheek waarbij je maandelijks geld op een beleggingsrekening stort. Dit geld wordt belegd waardoor het hopelijk meer waard wordt. Van het geld op deze rekening wordt je hypotheek (gedeeltelijk) afgelost op de einddatum.

  • Bereidstellingsprovisie

    Een hypotheekofferte is maar een bepaalde tijd geldig. Als de overdracht na die datum plaatsvindt dan is het nodig de hypotheekofferte te verlengen. Hiervoor betaal je een vergoeding: de bereidstellingsprovisie.

  • Bijleenregeling

    Als je een huis verkoopt met overwaarde en daarna binnen 3 jaar opnieuw een huis koopt dan moet je de overwaarde gebruiken voor je nieuwe huis. Doe je dat niet? Dan mag je niet alle hypotheekrente aftrekken.

  • BKR-registratie

    Bij het BKR staan jouw leningen geregistreerd. Ook is te zien of je jouw leningen op tijd betaalt. Een hypotheekaanbieder controleert jouw BKR-registratie. Omdat ze willen weten hoe jouw betaalgedrag is, maar ook omdat ze rekening moeten houden met de maandlasten van deze leningen. Een hypotheek wordt alleen bij het BKR geregistreerd als je een bepaalde achterstand hebt.

  • Boeterente

    Ieder jaar mag je een bepaald percentage van je hypotheek boetevrij aflossen. Los je meer af of sluit je de hypotheek over naar een andere aanbieder? Dan betaal je een boeterente. Dit is een vergoeding voor het feit dat de hypotheekaanbieder niet meer kan rekenen op jouw rentebetalingen.

  • Bouwdepot

    Een bouwdepot is een soort spaarrekening waarvan je de kosten voor een verbouwing of de bouw van je nieuwbouwwoning betaalt.

  • Bouwkundige keuring

    Het bouwkundig onderzoeksrapport laat zien wat de bouwkundige staat is van je huis. Het geeft een indicatie van de te verwachte onderhoudskosten. Het is niet verplicht om een bouwkundige keuring uit te laten voeren. Zeker bij een wat ouder huis is het wel aan te raden zodat je straks niet voor vervelende verrassingen staat.

  • CAR-verzekering

    CAR staat voor Construction allrisk. Het is een verzekering die schade vergoedt die ontstaat tijdens het bouwen of verbouwen van een pand.

  • Dagrente

    De dagrente is de actuele rente die geldt voor een nieuwe hypotheek met een bepaalde rentevastperiode. Bekijk de actuele dagrente.

  • Dalrentegarantie

    De dalrentegarantie is een fijne voorwaarde die je kunt tegenkomen in jouw hypotheekofferte. In de offerte heb je een hypotheekrente afgesproken. Daalt de rente tussen het moment dat je de offerte accepteert en het passeren bij de notaris? Dan geldt de laagste rente uit deze periode.

  • Depotrente

    Heb je een bouwdepot afgesloten? Dan krijg je depotrente over het bedrag dat nog niet aan de bouwer is uitbetaald.

  • Desktoptaxatie

    Een woningtaxatie die een onafhankelijke taxateur op afstand doet. De woning wordt niet bezocht, maar online bekeken en vergelijken met soortgelijke woningen.

  • Doorhalen van een hypotheek

    Wanneer je hypotheek wordt doorgehaald of geroyeerd dan wordt deze uit het hypotheekregister gehaald. Dit gebeurt na volledige aflossing van de hypotheek.

  • Effectieve rente

    Dit zijn de daadwerkelijke kosten voor jouw hypotheek, uitgedrukt in een percentage van de hypotheeksom. Naast de hypotheekrente wordt ook rekening gehouden met de afsluitkosten, betaalwijze, betaalfrequente en terugbetaaltermijn.

  • Eigenwoningforfait

    De Belastingdienst ziet het eigendom van een woning als een vorm van inkomen. Je betaalt extra belasting, gebaseerd op de waarde van je woning. Het eigenwoningforfait heeft invloed op de netto maandlasten van je hypotheek.

  • Eigenwoningreserve

    Het bedrag dat je overhoudt na verkoop van je huis. Dit is de verkoopopbrengst min de verkoopkosten en de hypotheekschuld.

  • Energiebesparende maatregelen

    Als je energiebesparende maatregelen neemt om je huis te verduurzamen kun je een hoger hypotheekbedrag krijgen. Je mag dan 106% (in plaats van 100%) van de woningwaarde lenen.

  • Energielabel

    Een energielabel is verplicht bij het verkopen van een huis. In het energielabel zie je hoe energiezuinig een woning is.

  • Erfpacht

    In sommige gemeenten koop je een huis zonder de grond waarop het staat. Je betaalt dan erfpacht voor het gebruik van de grond.

  • Executiewaarde

    Het bedrag dat de woning oplevert bij gedwongen verkoop zoals vastgesteld door een taxateur.

  • Familiehypotheek

    Een familiehypotheek is een hypothecaire lening die je hebt bij jouw familie. Bijvoorbeeld als je geld leent van je ouders. Onder bepaalde voorwaarden kun je de rente gewoon aftrekken.

  • Financieringsvergoeding

    Als je een nieuwbouwwoning koopt dan betaal je al termijnen tijdens de bouw. Koop je de nieuwbouwwoning terwijl de bouw al gestart is? Dan heeft de aannemer de al verstreken termijnen voorgeschoten. Je betaalt deze termijnen vervolgens aan de aannemer, plus een extra financieringsvergoeding vanwege het voorfinancieren. Dit ziet de Belastingdienst niet als rente. Daarom is dit bedrag fiscaal niet aftrekbaar.

  • Garantie- en waarborgregeling

    De garantie- en waarborgregeling is een garantiecertificaat van de Stichting Waarborgfonds Koopwoningen (SWK). Hier staat is dat jouw nieuwbouwwoning aan de bouwbesluiteisen en de eis van goed en deugdelijk werkt voldoet. Ook weet je zeker dat je nieuwbouwwoning onder alle omstandigheden wordt afgebouwd.

  • Gedragscode Hypothecaire Financieringen

    Hypotheekaanbieders hebben afgesproken zich te houden aan de regels uit de Gedragscode Hypothecaire Financieringen (GHF). Hier staat bijvoorbeeld in dat zij zorgvuldig moeten berekenen hoeveel jij kunt lenen en jij niet meer mogen lenen dan jij terug kunt betalen (overkreditering).

  • Gezondheidsverklaring

    Bij bepaalde levensverzekeringen moet je een gezondheidsverklaring invullen. Hierin beantwoord jij vragen over je gezondheid. De verzekeraar gebruikt deze gegevens om het risico in te schatten.

  • Herbouwwaarde

    Het bedrag dat je kwijt bent om je woning weer opnieuw op te bouwen na bijvoorbeeld een brand. Omdat je de grond niet opnieuw aan hoeft te kopen, is de herbouwwaarde lager dan het bedrag waarvoor je de woning kocht.

  • Hoofdsom

    De hoogte van je hypotheek op het moment van afsluiten.

  • Hypothecaire inschrijving

    Het bedrag dat de notaris heeft ingeschreven in het hypotheekregister. Dit is het maximale bedrag waarvoor het recht van hypotheek geldt. Wil je bijvoorbeeld verbouwen en komt je totale hypotheekschuld boven dit bedrag uit? Dan moet je opnieuw langs de notaris om dit vast te laten leggen.

  • Hypotheekaanbieder

    Een financiële instelling die hypotheken verstrekt aan klanten. Bijvoorbeeld de Rabobank, Munt hypotheken of Florius. Wordt ook wel hypotheekverstrekker genoemd.

  • Hypotheekakte

    Een document waarin de afspraken staan tussen jou en de hypotheekaanbieder. De notaris stelt dit document op.

  • Hypotheekregister

    In het hypotheekregister houdt het Kadaster alle geregistreerde hypotheken bij.

  • Intentieverklaring

    Heb je geen vast contract? Dan kan een werkgever jou een intentieverklaring geven. Hierin staat hoe jouw toekomst bij dit bedrijf eruitziet.

  • Jaarinkomen

    Je jaarinkomen is je totale bruto-inkomen in een bepaald jaar, inclusief vakantiegeld. De belasting en sociale premies zijn hier nog niet vanaf gehaald.

  • Jaarrekening

    Als ondernemer kun je in je jaarrekening zien hoe je er financieel voorstaat.

  • Kadaster

    Het Kadaster is een openbaar register. Hierin vind je wie de eigenaar is van registergoederen zoals een woning, stuk grond of een groot schip. Als jij een woning koopt dan regelt de notaris dat jouw aankoop in het Kadaster wordt geregistreerd.

  • Kapitaalverzekering

    Een kapitaalverzekering keert een groot bedrag uit op een van tevoren afgesproken moment. Vroeger werd regelmatig een kapitaalverzekering eigen woning (KEW) afgesloten. Deze verzekering was dan bedoeld voor de (gedeeltelijke) aflossing van de hypotheek.

  • Koopsom

    Het bedrag dat je hebt betaald voor de woning, exclusief de kosten koper.

  • Kosten koper

    De bijkomende kosten voor het kopen van een huis. Bijvoorbeeld de overdrachtsbelasting, notariskosten en kosten voor het hypotheekadvies.

  • Krediethypotheek

    Een soort doorlopend krediet, maar dan met je huis als zekerheid. 

  • Leningdeel

    Een hypotheek kan bestaan uit meerdere leningdelen. Voor ieder leningdeel gelden eigen voorwaarden. Je kunt bijvoorbeeld een hypotheek afsluiten met een aflossingsvrij leningdeel en een annuïteitendeel. Ook kun je bijvoorbeeld verschillende rentevastperioden afspreken.

  • Levenhypotheek

    Een hypotheek waarbij de aflossing plaatsvindt uit een levensverzekering of bankspaarverzekering.

  • Lineaire hypotheek

    Tijdens de volledige looptijd (vaak 30 jaar) van je hypotheek betaal je hetzelfde bedrag aan aflossing. Daarnaast betaal je ook rente. Omdat je schuld steeds lager wordt, betaal je steeds minder rente. Je bruto maandbedrag wordt hierdoor steeds lager. Je netto maandbedrag daalt ook, maar wel iets minder hard. Dat komt omdat je hypotheekrenteaftrek daalt als je meer hebt afgelost.

  • Looptijd hypotheek

    De periode waarin je de hypotheek moet terugbetalen. Vaak is dit 30 jaar, maar dit kan ook 20 of 40 jaar zijn.

  • Maandlasten

    Je maandlast is het bedrag dat je per maand betaalt aan je hypotheek. Vaak is dit een combinatie van aflossing en rente. 

    Je bruto maandlasten is het bedrag dat je daadwerkelijk betaalt. Met netto maandlasten wordt het brutobedrag minus de hypotheekrenteaftrek bedoeld.

  • Marktwaarde

    De waarde van je woning als hij vrij op de markt zou worden verkocht (en er geen haast is zoals bij de executiewarde).

  • Meerwerkkosten

    De kosten bij een nieuwbouwwoning voor het verrichten van meerwerk, bijvoorbeeld voor het installeren van een keuken of plaatsen van een dakkapel.

  • Nationale Hypotheek Garantie (NHG)

    Garantieregeling die ervoor zorgt dat je geen restschuld overhoudt als je jouw woning gedwongen moet verkopen. Hiervoor betaal je bij het afsluiten van je hypotheek een borgtochtprovisie van 1% van het hypotheekbedrag.

  • Notariskosten

    Je betaalt de notaris voor het opstellen van de hypotheekakte en overdrachtsakte. Het loont om te vergelijken, de verschillen tussen notarissen zijn groot.

  • Onroerende zaakbelasting (OZB)

    Belasting die je betaalt aan de gemeente voor het eigendom van een woning. De hoogte is afhankelijk van de WOZ-waarde van je woning.

  • Ontbindende voorwaarden

    Voorwaarden in je koopovereenkomst op grond waarvan de koop kosteloos ontbonden kan worden. De bekendste ontbindende voorwaarde is het voorbehoud van financiering.

  • Opeethypotheek

    Een hypotheek waarbij je de overwaarde van je woning (gedeeltelijk) opneemt.

  • Opstalverzekering

    Een verzekering die eventuele schade aan je woning vergoedt. Wordt ook wel woonhuisverzekering genoemd.

  • Overbieden

    Meer bieden dan de vraagprijs van de woning.

  • Overbruggingskrediet

    Een overbruggingskrediet is een voorschot op het bedrag dat vrijkomt als jouw oude woning wordt verkocht. Je lost het overbruggingskrediet af bij de verkoop van je huidige woning.

  • Overdrachtsbelasting

    Belasting die je betaalt als je eigenaar wordt van een huis. De overdrachtsbelasting is 2% van de aankoopwaarde van het huis als je het huis zelf gaat bewonen. Als je jonger bent dan 35 jaar hoef je onder bepaalde voorwaarden geen overdrachtsbelasting te betalen.

  • Overgangsrecht

    Als je op 31 december 2012 al een hypotheek had mag je in bepaalde gevallen gebruikmaken van de hypotheekregels die toen golden.

  • Overlijdensrisicoverzekering

    Verzekering die een afgesproken bedrag uitkeert als je voor een bepaalde datum overlijdt.

  • Overwaarde

    Wanneer de waarde van je huis hoger is dan je hypotheekschuld, is er sprake van overwaarde.

  • Perspectiefverklaring

    In een perspectiefverklaring lees je welke vooruitzichten jij als flexwerker hebt op de arbeidsmarkt. Dit geeft een hypotheekaanbieder extra zekerheid over jouw financiële toekomst.

  • Rentebedenktijd

    De periode waarin je kunt beslissen wanneer je nieuwe rentevaste periode ingaat.

  • Rentekorting

    Korting op je hypotheekrente die je bijvoorbeeld krijgt als je een hypotheek met NHG afsluit of je huis verduurzaamt.

  • Rentemiddeling

    Wanneer de huidige hypotheekrente lager is dan jouw afgesproken hypotheekrente kun je in veel gevallen gebruikmaken van rentemiddeling. Je gaat dan minder rente betalen. Je betaalt wel meer dan het actuele rentetarief. Dat komt omdat rekening wordt gehouden met de boete voor vervroegd oversluiten.

  • Renteopslag

    Een verhoging van de rente die je betaalt als de hypotheekaanbieder het gevoel heeft meer risico te lopen. Bijvoorbeeld als je schuld relatief hoog is ten opzichte van de woningwaarde.

  • Rentevaste periode

    De periode waarvoor het afgesproken rentetarief geldt. Gebruikelijk zijn perioden van 10 of 20 jaar, maar een andere periode kan ook verstandig zijn.

  • Restschuld

    Wanneer je jouw huis verkoopt en het bedrag dat je hiervoor krijgt is lager dan je hypotheekschuld houd je een restschuld over.

  • Risicoverzekering

    Een verzekering tegen de financiële gevolgen van een bepaald risico. De uitkering is een vooraf afgesproken bedrag.

  • Spaarhypotheek

    Een hypotheek waarbij je maandelijks spaart in een kapitaalverzekering voor de aflossing van je hypotheek.

  • Spaarrekening Eigen Woning (SEW)

    Een combinatie van een aflossingsvrije lening met een spaarrekening eigen woning. Dit is een geblokkeerde spaarrekening die op het einde van de looptijd wordt gebruikt ter (gedeeltelijke) aflossing van de hypotheekschuld.

  • Splitsingsakte

    Het document waarin vastligt hoe een appartement wordt gesplitst en welk deel van jou is.

  • Startershypotheek

    Een hypotheek die wordt afgesloten door starters wordt ook wel startershypotheek genoemd. Officieel is dit geen speciaal product, maar gewoon een normale hypotheek.

  • Starterslening

    Een aanvullende lening voor starters bij een aankoop van een eerste huis. De starterslening wordt verstrekt door de gemeente in samenwerking met het Svn. Niet iedere gemeente biedt een starterslening aan.

  • Taxatierapport

    Onafhankelijke beoordeling van de woningwaarde door een erkend taxateur. Bij het aanvragen van een hypotheek moet je bijna altijd een taxatierapport aanleveren.

  • Testament

    Juridisch document waarin je vastlegt wat er met je spullen gebeurt na jouw overlijden.

  • Tweede hypotheek

    Een extra financiering, naast de oorspronkelijke financiering voor de aanschaf van de woning. Een verbouwing wordt vaak gefinancierd met een tweede hypotheek.

  • Uitkopen

    Na het beëindigen van een relatie is het uitkopen van je partner een optie. De hypotheek komt dan volledig op jouw naam te staan. Dit kan alleen wanneer jij voldoende verdient om de volledige hypotheek te kunnen betalen. Hier zijn rekenregels voor opgesteld.

  • Variabele rente

    Een rente die niet vaststaat en met de markt meebeweegt.

  • Vaste rente

    Een afgesproken rente die geldt voor een bepaalde periode.

  • Vereniging van Eigenaren (VvE)

    Een samenwerkingsverband tussen de eigenaren van de appartementen in een pand.

  • Verhuurhypotheek

    De financiering voor een woning die je wil verhuren.

  • Verkocht onder voorbehoud

    Het bod is geaccepteerd en de koopovereenkomst is ondertekend, maar de hypotheek is nog niet rond.

  • Voorlopig koopcontract

    Koopcontract waarin ontbindende voorwaarden staan opgenomen. Dit koopcontract teken je vaak bij de verkopende makelaar, binnen een paar dagen na acceptatie van je bod.

  • Vrij op naam (v.o.n.)

    Een nieuwbouwwoning koop je meestal vrij op naam. Dat betekent dat je de kosten van de overdracht niet hoeft te betalen, dat doet de verkoper. 

  • Waarborgsom

    Een bedrag dat je al voor de overdracht overmaakt naar de notaris. Dit ter extra zekerheid voor de verkoper.

  • Werkgeversverklaring

    Verklaring waarin jouw werkgever bijvoorbeeld informatie aanlevert over jouw inkomen.

  • Woonlastenverzekering

    Een verzekering die jouw woonlasten betaalt als een bepaald risico zich voordoet. Bijvoorbeeld arbeidsongeschiktheid of werkloosheid.

  • Woonquote

    Percentage van jouw inkomen dat je volgens de regels mag uitgeven aan je woning.

  • WOZ-waarde

    WOZ staat voor wet Waardering Onroerende Zaken. De WOZ-waarde is de waarde van jouw woning volgens de gemeente. Dit bedrag is het uitgangspunt voor bepaalde gemeentelijke belastingen.

Ben je op zoek naar de uitleg van een begrip dat hier niet tussen staat? Leg het begrip dan aan mij voor, ik leg het je graag uit.

Avond of weekend? Geen probleem

Over Saskia

Meer kennis

Je kunt jouw hypotheek op verschillende manieren aflossen. Hoe je dat doet verschilt per hypotheekvorm.
Je kunt jouw hypotheek op verschillende manieren aflossen. Hoe je dat doet verschilt per hypotheekvorm.